dinsdag 9 mei 2017

Even lekker uitwaaien

Wanneer ik naar de tandarts voor een echte behandeling moet neem ik de dag verder vrij. Niet uit selectieve luiheid, maar omdat ik nooit weet hoe de anesthesie gaat uitpakken. Ooit na aandringen van mijn tandarts een allergietest bij een gespecialiseerde kliniek ondergaan om uit te vogelen welke van de gebruikte middelen geen reactie zou geven, hetgeen tot dat moment rijkelijk gebeurde, tot ziek naar bed moeten toe. En omdat nog ergere (serieuze) reacties ook kunnen, was het zaak dingen uit te vogelen. Van de drie doorgaans aanwezige soorten(?) in zo'n tandartspraktijk was er 1 waarbij ik geen reactie vertoonde, hetgeen in de huidige dagelijkse praktijk wordt bevestigd met een beter gevoel na een bezoek aan de smoelsmid. Maar toch, ik neem geen risico meer. En zeg nou zelf, alhoewel ik het niet nodig heb, is er toch niets mooier dan een goed excuus te hebben te gaan vissen?
Mijn tandarts is niet in de buurt, maar wel in de buurt van mooi viswater, waaronder dat wat ik dit voorjaar al een keer of wat heb bevist, op zoek naar Haagse uitzetvis. Tot nog toe heeft het niet heel erg mee gezeten, lijkt wel of er minder vis dan andere jaren zit. Hetgeen zomaar kan, het stelsel zal 10/12 kilometer lang zijn, minimaal. Of ik kan niet vissen, altijd een mogelijkheid.

In de ochtend wat voorgevoerd, daarna door naar de tandarts. Weer een kroon vervangen. Daarvan heb ik er negen inmiddels. En mijn broertje heeft geen gaatje, ondanks dezelfde opvoeding en voedingspatroon. Wanneer dat gedaan is ga ik even bij een plaatselijke Lidl langs, die heb ik in mijn eigen buurtje niet. Ik mocht gelijk weer eten, dus dat Frans aandoende croissantje laat ik niet liggen. Dan op mijn gemakje terug naar het viswater. Het zal niet vaak meer vanaf de kant kunnen, het riet wordt te hoog en de lelies zijn bijna geheel boven, daarmee dadelijk 90% van het oppervlak vullend. De eerder op de blog geïntroduceerde snoekdobber- en inlinemethodfeeder systemen laat ik even voor wat ze zijn. De eerste is niet meer zo nodig, omdat de bladeren veel hoger in het water, of al bovenop aan het oppervlak, liggen. Met veel minder kans op lijnzwemmers. En de tweede omdat de niet zonder een extra bakje of emmer aan grondvoer gaat, en ik even geen zin om te sjouwen heb. Dat komt wel weer, ik ben er nog niet klaar mee. Nu gewoon even klooien met een worm en een maiskorrel onder een simpel pennetje, en genieten van de rust ter plekke. De koude straffe noordenwind die recht op de kant staat doet daar wel wat afbreuk aan. Te koud, al met al, behaaglijk is anders...

Recht op de kant die noordenwind

En achter het riet onderaan het talud weer behaaglijk, windstil

Op alle drie de stekken ligt vis, al duurt het bij de ene stek wat langer voor de dobber onder gaat dan bij de andere. Maar bij alle drie de stekken mag ik een schepnet in het water stekken en een fotomomentje creëren. Wat kan klein geluk toch groot zijn.
De grootste karper van de twee lijkt mij een hele oude krijger, die niet alleen het grootste deel van zijn rugvin mist (zie je meer bij polderkarpers, iemand vertelde me eens dat dat komt omdat ze in die ondiepe polders soms in het ijs vastvriezen? Ik heb er mijn twijfels over, maar zelf geen dekkende oplossing), maar ook aan beide kanten zwaar gehavend is geweest. Ondanks dat moest ik alle zeilen bijzetten om deze vis te landen. Samen hebben we alle leliebladen die in een straal van 15 meter rond de stek opkomen bekeken, van onder en van boven. Pfff... hard werken. En genieten! Maar met een voldoende dikke lijn (!) is het geen enkel probleem. Ik kan me niet heugen er een vis door verspeeld te hebben. Ze komen altijd los en lijnbreuk is eigenlijk niet meer van toepassing. Vandaar dat ik met het volste vertrouwen tussen de lelies vis.

Ouwe rakker

Iets te sportief aan het paaien geweest?

Daarnaast vang ik weer een grote Giebel (MOAG), de derde dit jaar en deze heb ik gewogen en gemeten.Voor mijn Engelse vrienden bij Drennan. Die giebels zijn daar sowieso een topic omdat ze de kroeskarpers zouden verdringen (hetgeen goed kan) of hybridiseren (hetgeen iets minder aannemelijk is, gezien de specifieke voortplanting van de giebel, maar ik wil het kort houden). Maar goed, in het land waar het verbeteren van je PB een ware volkshype is, vinden ze zelfs een nuisancefish van recordformaat interessant. Naast de 48 cm die ik dit jaar al eerder haalde (de derde nu, en 49 zou ook mijn PB-verbetering zijn...) blijkt de vis 2850 gram zwaar te zijn. Dat is omgerekend 6,3 lbs. Een waar monster, zeker gerelateerd aan de daar aanwezige kroezen (4 lbs en een beetje als top). En zelfs aan de brown goldfish (de Engelse naam voor onze giebel) want de grootste daarvan topt overzees 5,7 lbs. Feestje!

Net zo breed als ie hoog is.

Geen opmerkingen:

Een reactie posten