maandag 20 juni 2016

Gods water over gods akker

En dat mag je heel erg letterlijk nemen, man man man, wat een water is er de afgelopen periode weer gevallen, en dat na twee droge lentes. Een periode van superlatieven, niet veel gevist maar wel bijzonder prettig gevangen, eigenlijk van alles wat. Op een grote grasser na, die ging liever aan een ander gewaardeerd haakje hangen, maar de zomer is nog lang, dus er komen nog kansen. Op moment van schrijven heb ik 'ze' weer gevonden in een van 'mijn' polders, en al het nodig bodemharkwerk en voorvoeren verricht. Dus dat zal slechts een kwestie van tijd zijn.

Hier werd ik voorbij gezwommen
Nadat ik al eerder wat kleppers van brasems had gevangen (zie Voorjaarsperikelen), besloot ik twee weken na de start van de paai terug te keren, in de hoop ze in een vreetmood aan te treffen. Hetgeen nog niet het geval was, maar een mooie klepper mocht ik toch bijschrijven, tikte net niet tegen de 10 pond aan. Aangenaam weer ook. Al was dat maar eventjes.

Daar ergens aan de einder


Maar dat waren maar ingelaste visserijen, de zeelt stond nog steeds op mijn lijstje. En hoe; eindelijk mocht ik dan weer eens een 60 cm zeelt vangen, en op een water waar ik al jàààren kom en eerder niet verder gekomen ben dan 58,5 cm. En van de vismaten ook niemand. Wel is me verteld dat een andere landelijk bekende zeeltvisser er ooit een zeelt van 60 cm gevangen zou hebben, maar juist die heb ik afgelopen april bij toeval een vis zien meten en aan de manier waarop kan ik nu al zeggen "die vermeende vis van 60 cm was geen 60 cm:-)". Althans, als die op dezelfde manier gemeten werd, en waarom ook niet, a man's habits...? (De bekende discussie m.b.t. het over een vis heen meten ipv van netjes eronder. Het scheelt op die 60 cm, afhankelijk van de dikte van de vis toch echt 1 à 1,5 cm.) Ik ken ook karpervissers die zulks beweren, 60 cm en meer, maar ook voor hen geldt dat ze zelden of nooit wat opmeten, maar er gewoon een slag naar slaan. En in het donker, in het licht van de hoofdlamp, lijkt alles groter. Je kan het ook geneuzel vinden, dat mag, ieder zijn meug, maar ik niet, geeft me een doel om na te streven.
Die sessie leek de zeelt al wel in de paai, uitzonderlijk vroeg, halverwege mei, en gezien het rare koude weer eigenlijk nog helemaal niet te verwachten, maar het leek er toch op, gezien de vele lijnzwemmers die met name Arend kreeg, en die hij (natuurlijk, want lijnzwemmers, maar wel inclusief het lopen van de baitrunner... dus hoe maak je onderscheid?) allemaal miste. Frustrerend! Nadat ik een paar vissen had gevangen, waaronder de 60 cm zeelt mocht hij de laatste beet aanslaan, resulterend in een spiegelkarper van een pond of 20/21, nog halfvol met kuit. en dat terwijl ik nèt had verteld dat ik op dit specifieke water eigenlijk nooit karper als bijvangst had op zeelt.

60 hele centimeters, voor de rest geen spoor van kuitaanzet... maar een mens kan niet alles hebben

Toch niet normaal, midden op een dag in juni 14 graden...

Ik maak graag gebruik van een extra marker(hengel), voor secuurder voeren en vissen

Arend toch blij, en omdat het een karpervisser is en blijft ook wel passend dat juist hij deze ving

Duizenden kleine eitjes


Op een van de andere wateren vang ik doorgaans ook vlot mijn vissen, maar ben ik maar niet in staat tot de bovenlaag van de populatie door te dringen. Krijg steeds meer het idee dat ook, net als karpers,  de grotere (vrouwtjes) zeelten meer solitaire vissen zijn, en niet zo snel opgaan in een al vroeg gevormde paaigroep. De zeelten van boven de 60 cm die ik gevangen heb kwamen voor het grootste deel alleen, dus niet als onderdeel van een serietje, vaak zelfs als enigen in een sessie. En dat niet alleen, ik denk dat het voeren en vissen met maden en grondvoer etc, vol met snelle attractoren, wel vis vangt, waarvan akte, maar niet speciaal die grootsten. Eigenlijk doe ik het te "goed". Schraler vissen? Wellicht maar eens met 12 of 14 mm boilies gaan voeren en vissen en de karpers dan maar voor lief nemen. Die aanpak werpt op het net voornoemde water wellicht een beter resultaat af. Dat geeft mijn gevoel mij aan. To be continued. De vraag is even of dat nog gaat lukken dit jaar. Of is het heel simpel zo, ik heb dat al eens aangegeven, dat de vrouwtjes die passen bij mannetjes van 54/55 inmiddels overleden zijn, want er hebben al de nodige vissterftes plaatsgevonden. De vrouwtjes die ik vang zijn duidelijk van nieuwere jaarklassen. En ik heb al eerder geconstateerd dat de oudste (zwakste?) en daarmee grootste exemplaren het eerst het loodje leggen.

Mooi toch?

En een dril van zo'n vechtersbaasje!

Met zo'n bouw en dan 10 cm groter...

De mannetjes zijn hier het grootst, en de bijpassende wijfjes schijnbaar verdwenen 


Het is inmiddels weer tijd voor het Paradijs, dat moet ik elk voorjaar een keer of wat aandoen. Vismaat Luc heeft het er allang voor gezien gehouden, de magie was al snel weg, maar ik blijf er terugkomen. Niet alleen voor de vissen zelf, maar ook voor de rust, de natuur, de vrijheid en niet in de laatste plaats de contacten die ik er heb opgedaan, heel andere (karper)vissers (dat dan weer wel...) dan in de Randstad. Prettige, rustige jongens zonder poeha of dubbele agenda.
Ik heb de keuze over vele stekken, waar er een paar met kop en schouders boven de rest uitsteken. Inmiddels ben ik er achter dat de "stek met de steiger" een typische afroomstek is, waar eigenlijk altijd wel iets te vangen valt (als je weet waar te vissen) binnen een paar uur en "de stek in het bos" meer een stek voor opbouwen is. Zoveel is me wel gebleken. Ik dacht dat dit keer te combineren; eerst een paar uur onaangevoerd op de steigerstek en bij donker naar de bosstek. Kwam later aan dan gepland, een uurtje file extra naar het zuiden is niet heel vreemd, maar dat mocht de pret niet drukken, al heel snel een zeelt van 54 cm. Dan een prettige bijvangst in de vorm van een 15 kg plus karper, en geloof me, op een zeeltrapiertje met dito lijn op een stek met aan alle kanten bomen tot in het water is dat héél spannend! Niks macho en ego, ik had het geluk dat deze vis gelijk de diepte in dook. Later verspeel ik nog een vis door losschieten en ondanks de eerdere vangsten ben ik er toch ziek van, het voelde aan als zeelt èn als zwaar... lullig, want doorgaans schiet er maar 1 op 20 los.

Foto voor het thuisfront; "ik ben d'r, en jij bevindt je nu in de richting van de ondergaande zon, en ik mis je nu al"
In prachtconditie

Goed begonnen sessie
De nacht op de bosstek doorgebracht, en de ochtend erop begint het te lopen, om de paar uur een zeelt. Prachtige vissen, met karakter, je voelt de ouderdom bij sommigen. Zo is het ook leuk, kom ik er aan toe te genieten van de sfeer en de omgeving. Ergens in de middag drogen de aanbeten op, er is ook geen pijl op te trekken dit keer. Normaliter vis ik op series vissen, en dat kan door het samenscholen. Vrijwel altijd heb je voor zo'n serie wat lijnzwemmers of andere signalen via de lijn, dan weet je dat je wat kunt verwachten. Dit ondanks behoorlijk slappe lijnen en gebruik van een loodhagel een goeie meter voor de montage. Nu komen de beten zomaar uit het niets, pieeeeeepppp, ik denk dat het dit keer telkens solitaire vissen zijn die ik van de stek aftrek. Twee hengels vrij dicht bij elkaar, slechts de visdiepte verschilt. Ik moet even naar de auto om de telefoon op te laden, heen en weer kost een paar minuten. Je begrijpt het al, beet gehad. Komt wel eens meer voor, doorgaans niets aan de hand, de vis is dan ergens rondjes gaan draaien of netjes gaan liggen. Maar deze niet, is waarschijnlijk in één streep naar de overkant gezwommen, naar de obstakels, het is niet voor niks een bosstek toch? Ik vermoed een karper, ook hier. Ik heb allang afgeleerd er dan met een hengel aan te gaan lopen sjorren. Kun je maar weinig druk zetten en je voelt ook niet voldoende wat je doet, met de hand gaat dat beter. Zo ook dit keer, en uiteindelijk voel ik wat zwaars meekomen. Iets dan bonkt... zeelt? Ja inderdaad, plus een overdwars door het water gesleepte tak, vandaar de zwaarte. Du moment dat ik naar achter grijp om het klaarstaande net te pakken en ik probeer in één beweging naar voren te buigen om het net eronder te steken, schiet de vis los, denk toch wat teveel druk gehad... en als die dan opeens even wegvalt... afijn, het was geen monster en ik ben al blij dat de montage en vis niet ergens in een boom hangen. Ik controleer de lijn en gooi alles terug op de stek, waar de volgende zeelt zich na verloop van tijd vanzelf weer aandient.

Direct al regen 's ochtends, een voorbode. Mij gaat het echter om de hengels en de rodpod, ik kom er op terug




Mijn lieve thuisfront weet te melden dat er slecht weer op komst is en ik raadpleeg buienradar. Dat voorspelt hetzelfde. Er komt een smal onweers- en regenfront over Limboland vanuit Duitsland, richting Noordfrankrijk, met een rare noordoostelijke stroming, en jawel hoor, exact waar ik zit, maar dan ook exact. Ik bereid me voor op het ergste als de bewolking groengeel van kleur wordt. Al vrij snel noodweer, stortbuien en werkelijk overal ontladingen, kan er een boek bij lezen. Nu doorvissen heeft geen zin, dat doe ik morgenochtend(?) wel weer. Die nacht is er een om te onthouden, eerst moet ik de paraplu en alle spullen naar achter zetten omdat ik in een kuil blijk te staan die als eerste volloopt en later ook nog eens al die spullen op de kar laden omdat de boel zo onder water komt te staan dat werkelijk niets wat op de grond staat droog kan blijven, de grond kan het afvoeren van het water niet snel genoeg aan. Moet er zelfs voor terug naar de auto op het vouwfietsje in het pikkedonker in de striemende regen, om een dekzeil voor alle spullen te halen, en de zaak in te pakken gelijk een Sinterklaaskadootje. Midden in de nacht, leuk is anders, en buienradar blijft maar aangeven dat de shit niet over is... en toch, ik zat te vissen en vond het allemaal best. Wat kon me verder gebeuren?
Die ochtend wordt het droog bij eerste licht en blijk ik het maar nèt zelf droog gehouden te hebben, het water is 20 cm omhoog gekomen. Die nacht zijn er zowel mensen in Duitsland als in Frankrijk verzopen door hetzelfde noodweer, dus ik vind dat ik niet mag klagen. Wel een applausje voor het regenpak van ESP (Drennan) dat me werkelijk kurkdroog gehouden heeft, klasse, mag ook wel met 25.000 dernier.

Spookweer op komst

De eerste druppels van een heleboel

Zo werd ik wakker...

En nu even terug omhoog naar de eerdere foto met de rodpod, schrikken toch?
Als eerste een grote brasem, met een pond of 8 zeker fotowaardig, maar dat was me even teveel moeite gezien de situatie
Ik vang nog een mooie zeelt, en nog één, het vele verse water heeft ze dus niet al teveel gedaan. Dan een derde beet en die schiet los, al vrij snel na aanslag. Denk ik, maar bij indraaien blijkt de hele zaak een paar meter boven de montage verdwenen... shit... natuurlijk toch een beschadiging in de lijn nadat ik gister vastzat. Stom! Heb het wel gecontroleerd, maar niet voldoende. Ik vis hier met x-line, en dat is superspul, kan zoveel hebben, eigenlijk nooit een lijnbreuk. Zonde, vis weg, maar montage ook weg, en dat is het laatste wat je wil, een zeelt met een haak opknappen. De inline boltrig feeder vis ik als shockrig, dus die zal er wel snel afvallen, daarvoor vrees ik niet. Een zeelt op de voerstek verspelen is nooit goed, vraag me niet waarom, maar ik heb het te vaak meegemaakt, je kan er zoveel vangen als je wil, en ze blijven komen, maar heb je een losschieter óp te stek dan valt het stil... nu dus ook... en het heeft vier uur nodig voor ik weer een aanbeet krijg. Op het allerlaatste moment zelfs, als het andere is al ingepakt, en welke is het? Kijk zelf maar mee op de foto. I'm pleased!

Hier kwam ik voor; een pinda van Duyvis is altijd oke!




Puzzeltje

Tweemaal is ook scheepsrecht
Binnenkort weer naar La Douce France, voor een sessie op monstergrassers, op een water waarvan ik eigenlijk niet mocht weten waar het was. Maar ja, het gaat om ego's, ook bij het vissen, dus vroeg of laat kletst er eentje... En toen bleek dat ik het al sinds 1993 wist... of beter, hàd kunnen weten. Alle puzzelstukjes waren voorhanden.
Ik hoop dat er daarna nog tijd is voor de laatste zeelten. Tot nog toe een supermooi voorjaar met vele meer dan memorabele vangsten, elke zeelt is sowieso een pareltje op zichzelf.
Maar zover is het allemaal nog niet, eerst nog even de "steigerstek" afromen deze sessie. Hetgeen niet lukt, hier geen vis. Slechts heel veel extra water.


zondag 22 mei 2016

Applaus voor Laurens

In mijn tijd bij de KSN heb ik een aantal beste mannen leren kennen. Mannen waar je een oorlog mee kan winnen. Een van hen is Laurens Maasland, en van hem heb ik al diverse mooie - en altijd kloppende, ook wat waard, wat zegt ik, àlles waard - tips over zeelten gekregen. We hadden elkaar wat uit het oog verloren, zo gaat dat soms, maar wegens de verkoop van wat visspullen was er toch weer gewaardeerd contact en refereerde Laurens naar een ooit eerder gegeven stektip, nu wel met viswaternaam en toenaam. Mijn interesse was direct gewekt en ik ben samen met Helen direct een keertje gaan kijken en gaan wandelen.

Mooi of niet mooi?

"Ja, daar zwemt er eentje!"
 Dat viel zo op het eerste oog niet tegen; prachtige redelijk heldere sloten vol met gele plomp, zowel onder water als sla, als drijvend er op. De oever begroeid met riet en aanverwanten, lekker natuurlijk aandoend. Alles samenkomend in een dieper centraal gedeelte. Als ze er waren, dan waren ze hier, gegroepeerd voor de paai. Vanaf de bruggetjes zelfs al zeelten gespot, vissen van zeker 50 cm en daarmee was ik gelijk om. Er moest hier gevist worden.
Zo snel mogelijk een datum gezet en gekeken wie van de maten ook mee wilde. John was niet direct enthousiast, maar Arend wel. Die is altijd enthousiast! Heerlijk zo'n onbevangen vismaat. Dat gaat deze winter nog de mooie snoekavonturen opleveren die wat minder in de omgeving liggen, en waar het vast groepje niet voor te porren is - Afdeling Hier te kort, Daar te lang - maar ik dwaal af.
De desbetreffende dag was het echt visweer, een matig en enigszins warm windje uit het westen, bedekte hemel en zo nu en dan een lentebuitje, het kon allemaal veel slechter. We zitten op moment van bloggen een week later weer eens in een koudeval met bakken met regen... en ik zou naar Limburg om er nog één voorjaar in een paar trips alles uit de kast te halen... niet dus... toch maar beter doorwerken en afwachten tot het moment van kunnen en zinvol vissen samenvalt, àls dat samenvalt.

Om 06.00 uur staan we aan het water, het vogelgezang is oorverdovend, overal vogels. Alleen dit is al genieten. Ik weet niet hoe dat jou vergaat, maar ik heb vòòr aanvang van een vissessie al vele scenario's doorlopen, en al helemaal als ik ergens niet bekend (genoeg) ben. Dit was echt een sprong in het diepe. Of beter gezegd het eventueel diepe, want ik wist helemaal niks van dit water, niet meer dat mijn ogen konden waarnemen, dus of het diep was en waar, allemaal giswerk. En of er waterplanten waren, wier, modderbodem, heel veel witvis, of niet, allemaal onbekende grootheden?
Toen Arend en ik ons met een kar en alle spullen door het struweel geworsteld hadden en op de door mij uitgekozen -want centrale- stek aankwamen, werden we beloond met het aanschouwen van een prachtig stukje natuur, voor zover dat in NL uberhaupt bestaat... ooit heeft hier brak water gestroomd en het getij zijn werk gedaan, maar eenmaal afgesloten moest er natuurlijk toch weer een standaard tekentafel ontsproten "gebiedsinrichting" plaatsvinden... wie is toch de man die al diezelfde natuurgebieden bedenkt? Kan die niet ontslagen worden? Of hebben al die lui van de waterschappen en SBB dezelfde cursus bij dezelfde koekenbakker gevolgd?
Arend wilde wel rechts zitten, in het breedste gedeelte, kwam mij goed uit, dan kon ik met het bootje tegen de plompen aan vissen. En het slootje in, waar ik eerder wat zeelt had zien scharrelen. Alles in het kader van het leren. Het is met nieuw water altijd de vraag "zitten ze verspreid in de oeverzone, of (al) gegroepeerd centraal op het grote water?"
Ik had nog geen "poep"gezegd of het voer ging er al in aan Arend's kant en even daarna de twee hengels. Een instantvisser herken je gelijk. Zelf had ik wat meer tijd nodig, ik wilde strak tegen de plompen aan vissen plus aan de overkant tegen het riet. Niets mooier dan allebei wat anders, zo konden we snel zien waar de vis zat. Ik lag nog niet in, gelijk maar even de zaak uitgepeild met de boot, duurt altijd effe, of Arend had al twee zeelten en een brasem op de kant. Wàààt? Ja hoor, het liep gelijk, zomaar in het wilde weg in het midden, "ploemp, ploemp".
Ik ben toch het eerste uur in de oeverzone blijven liggen en heb pas later ook een centrale plek aangevoerd en bevist. Van die oeverzones kwam aanvankelijk geen vis en Arend bleef in elk geval veel lijnzwemmers hebben, naast zo nu en dan een vis, dus de vis zat in het midden. Rond een uur of elf mijn eigen aasaanbieding verplaatst naar mijn kant van het midden van het centrale deel, en warempel ik ving ook een zeelt. En daar bleef het bij, de vis (b)leek gevlogen, bij beiden. Niet meer in de vreetmood of hadden ze zich verplaatst? In het kader van dat leren (en omdat ik toch niks te verliezen had) opnieuw de hengels met behulp van de boot de oeverzone in gebracht. En toen ging het lopen, in elk geval op de stek strak tegen de plompen. Inmiddels het midden van de dag, normaliter niet hèt moment voor zeelt. Resulterend in zeven extra zeelten, vrij snel na elkaar.  Da's al acht in totaal. Nummer 9 kwam van het midden; de linker oeverzone bleef namelijk wel 'piep'loos en die hengel heb ik later weer in het al eerder bevoerde midden gelegd. Resulterend in nog twee aanbeten, waarvan er 1 losschoot, de eerste dit jaar. Bij Arend was het inmiddels aardig stil gevallen, alleen nog wat grote brasems volgden. The sweepers, moet gelijk aan Harvey Keitel in Pulp Fiction denken, zoiets dus.
Daarna wordt het rustiger, maar ik voel, "het kan nog". Dù moment dat ik wil gaan indraaien gaat het zaakje nog lopen, op de overkant tegen de plompen... wat dacht jij dan? Het blijkt de zoveelste vette, hooggebouwde zeelt te zijn, pristine zeggen ze in Engeland. 
Prachtige massieve vissen, van een unieke populatie, dat weet ik nu al. Populaties van dit slag hebben we maar weinig in NL, daarvoor heb ik al teveel spoken nagejaagd. De grootste die er uitkomt meet 55 cm, op zich geen monster, maar het beloofd wel wat voor de potentie van het water. De vissen zitten qua lengte allemaal dicht op elkaar, je ziet ook dat het oude zeelten zijn. Enne... een echt maden water. Boilies waren veel minder in trek. To be continued.


Volgend jaar iets vroeger in het jaar maar eens met de pen terug, ik weet zeker dat dat hier ook heel mooi kan en wat is er mooier dan een zeelt vangen met de pen?



Het prototype van een vette zeelt


Eem Methusalemmannetje, straalde aan alle kanten oud uit, maar wat een kleur.. komt niet uit op de foto helaas

Plastic Fantastic zwemt er ook.


Voor wie goed kijkt, ziet twee keer dezelfde vis. Dat is dus niet voor het eerst; twee keer dezelfde vis in 1 sessie. Sterker nog, ik had het Arend met Arend al twee keer eerder dit voorjaar, maar toen vingen we elkaars vis dezelfde sessie. Nu twee keer zelf dezelfde, want ook Arend overkwam het.


Ik kan er ook niks aan doen, hij heeft nou eenmaal een groot hoofd en dan lijken die vissen kleiner... toch eentje van 54 cm

dinsdag 17 mei 2016

Appetizer

Alvast een der zeeltdames in close up, van een nog te bloggen supersessie

maandag 9 mei 2016

Voorjaarsdilemma's





En toen was het opeens zomer? Ik wist niet wat me overkwam. Grote temperatuursverschillen in een paar dagen tijd. Sommige vissoorten kwam opeens in paaimodus en John en ik kregen haast, haast om toch alsnog een megabrasem te vangen, tussen het vissen op zeelt door. Iets wat we eerdere jaren met veel meer inzet (lees; tijdsinzet)gedaan hadden, grote delen van het vroege voorjaar benuttend, maar wat door uitblijven van steady resultaat toch wat weggeëbd was. En toen opeens tijdens een letterlijk oorverdovend concert van Steeler (hele goeie Led zeppelin cover band) met onze meisjes op zaterdag 30 april kwam het plan er 1 sessie aan te wagen, alles of niets, de dood of de gladiolen, en gelijk maar twee dagen later, in de avond. Waarvan akte. Een heerlijke zwoele avond. In een paar uur tijd kwamen voor John wat gewichtige brasems van 11,6 en 12,6 pond op de kant, en ik... ik stond erbij en keek er naar. Welverdiend John, je hebt meer dan geïnvesteerd de voorbije jaren, mag het dan ook eens een keer makkelijk gaan? Had zelf daarna solo nòg een visloze avondsessie èn een nachtsessie verderop in de week nodig om deze supervangsten wat te counteren. Die ochtend van de nachtsessie ging de vis inderdaad afpaaien en dan is het voor de brasem voorlopig eventjes afgelopen, mijn ervaring.




Ik vond deze met 8,6 pond al een beste...
... maar toen deze een uurtje later mijn net in kwam rollen, wist ik dat ik eindelijk weer eens een echte megabrasem had

Ondertussen wel al de nodige zeelten gevangen. Elke sessie wel een of meerdere exemplaren. Op vier wateren inmiddels. Eigenlijk veel leuker ook, zo waardeer je ze veel meer. Vorig jaar had ik veel sessies met zeven, acht, negen, tien of zelfs meer vissen en dan neemt de verzadiging snel toe. En dat is jammer, want daarvoor is deze vis veel te mooi en te speciaal.




Zowel aalscholvers als te ruwe karpervissers laten behoorlijke schade achter, veel bekken hebben onnodige beschadigingen

En allemaal mannetjes

Waar ik tot nog toe de (mini)boilie een bij-aas vond en maden veeeele malen beter, lijkt er dit jaar een kentering te zijn. Het gros van de vissen komt op een miniboilie met methodkorf, en de made (consequent altijd aan elke hengel een andere aassoort) is uit de gratie. Kan ook toeval zijn, maar een mens zoekt nou eenmaal altijd patronen omdat ie wil begrijpen.

Wat gaat deze zomer ons nog meer brengen? Het kan alle kanten op, spannend! In elk geval komende periode nog wat aanpielen op zeelt op twee specifieke wateren. En half juni op graskarper in het Land van Marianne, met goede kans op bijvangst van grote karpers.

Zijn ze er wel of zijn ze er niet?




zaterdag 23 april 2016

Patatje Oorlog

Wat zijn we toch bevoorrecht in ons kikkerlandje; qua water en levenspeil

Prachtige verstilde ochtend, onlangs in april. Samen met Arend Termorshuizen zeeltvissen. Arend is een novice in deze materie, maar hij leert verduveld snel. En als je al karpervisser bent dan is het keilen met een methodveertje geen hogere wiskunde, maar toch, het gaat hem niet slecht af, spelen met voer en miniboilies of maden. Voor hem een pre, kan hij beter zijn handel aan de man brengen. Voor mij een must, ik moet de ruimte hebben, en in het voorjaar zo vaak en veel mogelijk.

Doen we een Jomandaatje?

We vissen op een klein putje dat volgens Arend afgesloten is van de rest van het systeem. En daarom een constante hoeveelheid aan zeelt zou bevatten (?). Een redelijke garantie voor succes in dit jaargetijde, als de vis samenschoolt. Dat doet zeelt veel sterker dan andere karperachtigen, en daarmee bedoel ik al geruime tijd voor de paai. Al een week of zes à acht voor de paai zijn ze gegroepeerd te vinden, ongeacht de weersomstandigheden lijkt wel, en dat in tegenstelling tot b.v. karpers, die blijven veel langer solitair of in kleinere groepjes zwemmen.
Vandaag was het een off-dag voor de zeelt, samen drie zeelten, waarbij de eerste en de laatste ook nog eens dezelfde bleek. En omdat we allebei aan een kant van het plasje zaten te vissen is deze vis dus de plas overgestoken, want we vingen hem allebei. Dacht wellicht na het miniboilietje als diner af te kunnen sluiten met een dotje maden als toetje?

Dat is één!

En dat is twee...

Ik had de mazzel ook nog vijf van die grote lellen van brasems te vangen, van die laatsten der Mohicanen in dit soort systemen. Die hebben veel meer van aalscholverpredatie te lijden dan de zeelt. Dat denk ik zelf, want in dit deel van de Nederland is wel een verschuiving waar te nemen van minder brasem naar meer zeelt als onderdeel van de vissenpopulatie. Vind ik niet heel erg.

En de titel, Patatje Oorlog? Ach, daar had ik zin in... see ya!